Contactinformatie

Heeft u vragen over het congres of over uw aanmelding? Bel dan met Elsevier Gezondheidszorg, tel. 020-5159608 of stuur een e-mail.

Wilt u exposeren op één van onze congressen? Bel dan met onze salesafdeling, tel. 020-5159689 of stuur een e-mail.

Nationale Dag Kraamzorg

Workshops

In de middag kun je 3 van de volgende workshops volgen:

Workshop 1. Tienermoeders. Théya Wiggers, directeur, OCTRA & Partners, Amsterdam.
Tienermoeders zijn meestal ongepland zwanger geworden, maken vaak hun school niet af of hebben geen baan, de relatie met de vader van de baby is soms ingewikkeld, sommigen hebben geen eigen verblijfplaats, kortom, de problemen die zij ondervinden zijn complex. Dit heeft effecten op moeder en kind. Welke specifieke zorg en begeleiding kun je als kraamverzorgende bieden?

Workshop 2. Ouder(s) met een verstandelijke beperking. Jan Martens, PlatformVG, Utrecht.
Ouders met een lichte verstandelijke beperking willen, net als elke ouder, zelf hun kind verzorgen en opvoeden. Door hun beperking zijn ze echter vaak niet in staat om adequaat te handelen. Deze workshop schetst een beeld van deze groep ouders. Vervolgens gaan we in op de wijze waarop jij als kraamverzorgende ze raad en advies kan geven.

Workshop 3. Aangeboren afwijkingen. Carla van Oppen, gynaecoloog, UMC Utrecht, locatie WKZ.
Aan de hand van casussen komen de meest voorkomende aangeboren afwijkingen aan bod, zoals trisomie 18, trisomie 21, spina bifida, hartafwijking bij de foetus; transpositie van de grote vaten, hernia diafragmatica, schizis van lip en kaak, congenitale infectie met CMV, congenitale infectie met rubella virus en monochoriale gemelli met TTTS.

Workshop 4. Complicaties bij natuurlijke bevalling. Daniela Schippers, gynaecoloog, CWZ, Nijmegen. 
Na een spontane bevalling in het ziekenhuis mag de vrouw binnen 24 uur naar huis. De zorg thuis wordt gedragen door de kraamverzorgende en de vroedvrouw. Er kunnen zich echter in het kraambed ook medische problemen voordoen, zoals bloedingen, pijn van de episiotomie of totaalruptuur, mictie of defaecatieklachten en koorts. Kennis van deze problemen kan de kraamverzorgende helpen adequate en deskundige hulp te bieden.
In deze workshop wordt aan de hand van een aantal voorbeelden interactief bovengenoemde problematiek besproken. De insteek zal vooral praktisch gericht zijn.

Workshop 5. Multidisciplinaire richtlijn bij excessief huilende zuigelingen. Bregje van Sleuwen, TNO Kwaliteit van Leven.
Er is veel discussie over de adviezen hoe om te gaan met excessief huilen van jonge baby's. Op dit moment wordt er gewerkt aan een multidisciplinaire richtlijn, bedoeld voor alle professionals in de geboortezorg en de zorg voor de jonge baby. In deze workshop bespreken we de stand van zaken en discussiëren we over de bruikbaarheid van adviezen met betrekking tot regelmaat en huilen in de kraamtijd.

Workshop 6. Help Shaken Baby Syndroom de wereld uit. Monique L'Hoir, psychotherapeut, klinisch-pedagoog, GZ-psycholoog en onderzoeker TNO, Leiden.
Eén op de twintig baby's in Nederland wordt geschud, gesmoord of geslagen, meestal door een van de ouders. In grote steden loopt dat cijfer zelf op tot 13 procent. Een derde van de kinderen die geschud wordt, overlijdt aan de verwondingen. Nog eens 30 tot 50 procent houdt er een ernstig mentaal of fysiek letsel aan over. Als kraamverzorgenden ouders uitleg geven over oorzaken, gevolgen en preventie kan er veel leed voorkomen worden.

Workshop 7. Eerste Hulp bij Kinderen. Wilfried G. van Rijswoud, algemeen directeur, Rescue Nederland, Rotterdam.
Je bent bezig met het verschonen van de baby en je hoort plotseling een gestommel bij de trap: broertje Joost van 3 jaar is van de trap gevallen. Wat doe je dan? Adequaat en zorgvuldig handelen wordt van jou verwacht. Tijdens deze workshop krijg je een korte presentatie aan de hand van praktische casuïstiek waar je dagelijks mee geconfronteerd kan worden. Kom luisteren en leer handelen.

Workshop 8. De nieuwe richtlijn voor de hyperbilirubinemie. Peter Dijk, kinderarts/neonatoloog, UMC Groningen en Bernadette Klaphake, manager Kraam & Co, Abcoude.
Er is een nieuwe richtlijn "Preventie, diagnostiek en behandeling van Hyperbilirubinemie bij pasgeborenen, geboren na een zwangerschap van meer dan 35 weken". De richtlijn geldt voor alle zorgverleners die met pasgeborenen te maken hebben. Geelzien van baby's is een verschijnsel dat in de kraamtijd veelvuldig voorkomt. Door een adequate zorg en behandeling kan ernstige hyperbilirubinemie en kernicterus vrijwel altijd voorkomen worden.

Workshop 9. Verhalen uit de kraamzorg. Siska de Rijke, vice-voorzitter NBvK.
Mensen hangen vaak aan onze lippen wanneer wij vertellen uit eigen werk. En wat hebben we veel verhalen. Ontroerende en inspirerende verhalen. Troostvolle en positieve verhalen. Vrolijke en ongelooflijke verhalen. In deze interactieve sessie vertellen we elkaar wat we zoal meemaken en vragen elkaar om advies of herkenning. Kortom, we leren van elkaar en delen successen en tegenslagen.

Workshop 10. Kraamtranen. Elise Knoppert - van der Klein, psychiater, GGZ Rijnstreek, onderdeel van Rivierduinen, Alphen a/d Rijn.
In de workshop wordt dieper ingaan op de klachten die te maken hebben met PND en aanverwante problemen - zoals het premenstrueel syndroom (PMS) of de postpartum psychose (PPP) - de mogelijke oorzaken én de behandeling.